Opbrengst van zonnepanelen per maand
Bijgewerkt in juli 2026
Wat uw panelen maand per maand opleveren: de verdeling in kWh, het verschil tussen zomer en winter en wat u met de zomerpiek doet.

De opbrengst per maand in een tabel
Onderstaande verdeling is gebaseerd op de gemiddelde zoninstraling in Nederland en geldt voor een goed gelegen dak. De kolom kWh per kWp maakt het rekenen makkelijk: heeft u 10 panelen van 410 Wp (±4,1 kWp), vermenigvuldig dan met 4,1.
| Maand | Aandeel jaaropbrengst | kWh per kWp |
|---|---|---|
| Januari | 3% | ~25 |
| Februari | 5% | ~45 |
| Maart | 8% | ~70 |
| April | 12% | ~105 |
| Mei | 13% | ~115 |
| Juni | 13% | ~115 |
| Juli | 13% | ~115 |
| Augustus | 11% | ~95 |
| September | 10% | ~90 |
| Oktober | 7% | ~60 |
| November | 3% | ~25 |
| December | 2% | ~20 |
Samen telt dat op tot de circa 880 kWh per kWp die een Nederlands dak per jaar haalt, zoals uitgelegd op onze pagina over de jaaropbrengst van zonnepanelen. Reken per maand op een marge van zo'n 10 tot 15%: een sombere junimaand of een uitzonderlijk zonnig voorjaar, zoals het KNMI die geregeld registreert, schuift de cijfers merkbaar op. Een oost-westdak volgt dezelfde curve, maar iets vlakker en met een lager jaartotaal.
De curve door het jaar: mei als stille kampioen
In een grafiek gezet, vormt de maandopbrengst een boog die in het voorjaar steil klimt, van mei tot en met juli piekt en na september snel afvlakt.
Opvallend: niet hartje zomer, maar mei komt in veel jaren als beste maand uit de bus. De dagen zijn dan al lang, de lucht is vaak helder en de panelen blijven koel, waardoor ze efficiënter werken dan tijdens een hittegolf in juli. April doet om dezelfde reden nauwelijks onder voor augustus.
Zomer tegenover winter: het verschil in cijfers
Per seizoen opgeteld wordt de scheefgroei nog duidelijker:
| Seizoen | Aandeel jaaropbrengst | kWh per kWp |
|---|---|---|
| Lente (maart-mei) | 33% | ~290 |
| Zomer (juni-augustus) | 37% | ~325 |
| Herfst (september-november) | 20% | ~175 |
| Winter (december-februari) | 10% | ~90 |
Omgerekend naar een dag: in juni levert 1 kWp gemiddeld zo'n 3,8 kWh per dag, in december amper 0,6 kWh. Over het hele jaar is het gemiddelde ongeveer 2,4 kWh per kWp per dag. Voor een gezin met 10 panelen betekent dat: rond de 15 kWh op een doorsnee junidag, tegen 2 à 3 kWh midden in de winter. Wie zijn verbruik kent, ziet meteen het gevolg: in de zomer is er fors overschot, in de winter dekt het dak maar een deel van de vraag.
Zin in een nauwkeurige prijsberekening voor uw project?
Vraag mijn gratis offerteWaarom de maandopbrengst zo sterk schommelt
Drie natuurkundige factoren stapelen zich op. Ten eerste het daglicht: rond 21 juni is het in Nederland zo'n 17 uur licht, rond 21 december nog geen 8 uur. Ten tweede de zonnestand: in juni klimt de zon tot ruim 60 graden boven de horizon, in december blijft ze onder de 15 graden hangen. Het licht valt dan onder een flauwe hoek op de panelen en legt een langere weg door de dampkring af, waardoor er per vierkante meter minder energie aankomt.
De derde factor werkt verrassend genoeg de andere kant op: temperatuur. Zonnepanelen verliezen volgens de fabrieksspecificaties zo'n 0,3 tot 0,4% vermogen per graad boven de testtemperatuur van 25 °C. Op een snikhete julidag loopt een zwart paneel op tot 60 à 70 °C en levert het 10 tot 15% minder dan hetzelfde paneel in koele meilucht. Bewolking dempt het geheel: panelen werken door bij diffuus licht, maar een zwaar bewolkte dag brengt slechts een fractie op van een heldere. Zo verklaart de mix van daglengte, zonnestand, temperatuur en bewolking de hele curve hierboven.
Wat is normaal voor deze maand? Zo leest u uw eigen cijfers
De app van uw omvormer toont de maandproductie, maar zonder referentie zegt dat getal weinig. Vergelijk uw cijfer daarom met de tabel bovenaan: deel uw maandopbrengst door het vermogen van uw installatie in kWp en zet het resultaat naast de kolom kWh per kWp. Een afwijking tot zo'n 15% is gewoon het weer; vergelijk bovendien altijd met dezelfde maand in eerdere jaren, nooit met de maand ervoor.
Wanneer is een lage maand een alarmsignaal?
Blijft uw installatie meerdere maanden op rij zo'n 20 tot 30% onder de verwachte waarde, dan is het weer zelden de verklaring. De gebruikelijke oorzaken: een omvormer die in storing staat of terugregelt, nieuwe schaduw (een gegroeide boom, een dakkapel bij de buren) of vervuiling. Aangekoekt vuil en mos kosten al snel enkele procenten, zie zonnepanelen reinigen.
Houd er bij het vergelijken ook rekening mee dat panelen jaarlijks een half procent inleveren door veroudering; na tien jaar ligt de hele curve dus zo'n 5% lager dan in het eerste jaar.
De zomerpiek na 2027: van probleem naar voordeel
Die 70 tot 75% productie tussen april en september was jarenlang geen enkel punt: de salderingsregeling streepte zomeroverschot weg tegen winterverbruik. Dat verandert op 1 januari 2027. Vanaf dan levert teruggestuurde zomerstroom nog maar een beperkte vergoeding op, en rekenen veel leveranciers terugleverkosten over elke teruggeleverde kWh. Juist de maanden waarin uw dak het hardst werkt, worden dan financieel het minst interessant.
Het antwoord is uw verbruik naar de zon verschuiven. Laat de wasmachine, vaatwasser en boiler overdag draaien, laad een elektrische auto in de middagzon en overweeg een thuisbatterij die de middagpiek naar de avond tilt. Met een dynamisch contract kunt u het overschot bovendien terugleveren op de duurdere uren. Elke kWh die u in juni zelf gebruikt, is bij een stroomprijs van zo'n €0,30 het volle bedrag waard; dezelfde kWh terugleveren brengt een fractie daarvan op.
Conclusie
Reken per maand grofweg op 13% van uw jaaropbrengst in juni en juli, 2 tot 3% in december en januari, met mei als stille kampioen. Dat patroon is normaal en geen defect. Sinds het einde van het salderen draait het erom de zomerpiek zelf te benutten: verschuif uw verbruik, en laat een erkende installateur doorrekenen of een batterij of dynamisch contract bij uw profiel past.
Veelgestelde vragen
Vaak mei: lange dagen, veel heldere lucht en koele panelen. Juni en juli halen hetzelfde aandeel (zo'n 13% van de jaaropbrengst elk), maar warme panelen werken net iets minder efficiënt.
December, met ongeveer 2% van de jaaropbrengst, ofwel zo'n 20 kWh per kWp. Korte dagen en een lage zonnestand drukken de productie tot een fractie van de zomer.
Gemiddeld over het jaar zo'n 2,4 kWh per kWp per dag, maar met grote spreiding: rond 3,8 kWh per kWp op een junidag en 0,6 kWh in december.
December tot en met februari leveren samen ongeveer 10% van de jaaropbrengst, zo'n 90 kWh per kWp. Panelen werken ook bij bewolking door, maar op een laag pitje.
Meestal niet: per maand is een afwijking tot 15% gewoon het weer. Blijft de productie maanden op rij 20 tot 30% achter, check dan de omvormer, nieuwe schaduw en vervuiling.
Sinds het einde van de salderingsregeling (1 januari 2027) levert zomers overschot alleen een beperkte terugleververgoeding op, vaak min terugleverkosten. Zelf verbruiken in de zomermaanden wordt daardoor de sleutel tot rendement.
Ontvang en vergelijk vandaag nog uw offertes
Vraag mijn gratis offerte